Franse Gemeenschap zou beter in eigen onderwijs investeren in plaats van te procederen tegen Vlaanderen

Door Annabel Tavernier op 29 januari 2020, over deze onderwerpen: Onderwijs in Brussel
Meisje in klas

Vlaamse ouders moeten hun kinderen naar een Nederlandstalige school kunnen sturen, ook in Brussel. Het Vlaamse Inschrijvingsdecreet garandeert daarom plaatsen voor Nederlandstalige kinderen in het Nederlandstalig secundair onderwijs in Brussel. De Franse Gemeenschapscommissie (COCOF) diende daartegen reeds een belangenconflict in, maar ving bot. Daarom stapte ze naar het Grondwettelijk Hof. Vlaams Parlementslid Annabel Tavernier reageert: “De Franse Gemeenschap zou in plaats van te procederen tegen Vlaanderen beter investeren in capaciteit en kwaliteit van het eigen onderwijs.”

Uitstekende reputatie

De N-VA trekt met het Inschrijvingsdecreet de voorrang voor Nederlandstalige leerlingen in Brusselse Nederlandstalige middelbare scholen op naar 65 procent. Daarbovenop garandeert het decreet 15 procent van de plaatsen in het Brussels Nederlandstalig middelbaar onderwijs voor kinderen die ervoor reeds in negen jaar in het Nederlandstalig onderwijs school liepen. Deze regelgeving is nodig om het capaciteitstekort op te vangen: “Ons onderwijs kent een uitstekende reputatie waardoor veel Frans- en anderstalige leerlingen aan de deur kloppen”, weet Vlaams Parlementslid Annabel Tavernier.

Gedeelde verantwoordelijkheid

De Franse Gemeenschapscommissie (COCOF) ging niet akkoord met deze regeling en stapte naar het Grondwettelijk Hof. Onterecht, vindt Tavernier: “Het onderwijs in Brussel is een gedeelde verantwoordelijkheid van de Vlaamse én de Franse Gemeenschap. Mocht de Franse Gemeenschap haar verantwoordelijkheid ook ter harte nemen, dan zou de druk op ons Nederlandstalige onderwijsnet verminderen en zouden die voorrangsregels niet langer nodig zijn.”

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is